TIPS

TIP 1: Omrekenen van een patroon als je proeflapje een andere stekenverhouding geeft dan is aangegeven.

Wanneer de afwijking niet al te groot is kun je de hals en eventuele armsgaten zo laten als ze zijn. De verschillen hierin zijn nl. niet zo heel groot.
Maak een proeflapje. Bijv. 22 st. x 30nld. = 10 x 10 cm

De trui moet 40 cm breed worden. Je moet dan dus opzetten 4 x 22 st. = 88 st. Het pand moet 50 cm lang worden. Je gaat dan ongeveer 5 x 30 nld. = 150 nld. breien.De breedte van het pand in het patroon is het belangrijkste dat je moet omrekenen. de lengte meet je immers tijdens het breien. Wanneer je het aantal steken niet aanpast wordt de trui al gauw te smal of te breed. Wanneer het aantal steken over de hele breedte van het pand bijvoorbeeld 10 steken meer is volgens jouw stekenverhouding wordt het pand al gauw 3 cm breder, het achterpand echter ook, dan is het totaal al 6 cm, dat kan bijv. bij een kindertrui teveel zijn.

TIP 2: Hoe maak je een mooie V-hals.

Neem een oneven aantal steken langs de hals op. Markeer de middelste steek (in de punt van de V). Brei nu boordsteek maar brei aan de goede kant van het werk aan weerszijden van de middelste steek steeds 2 st. samen av. De middelste steek moet steeds rechts gebreid worden. Brei aan de verkeerde kant de steken zoals ze zich voordoen. Op deze manier krijg je een mooie V.

TIP 3: Hoe maak je een knoopsgat.

Brei tot de plaats waar het knoopsgat moet komen. Kant dan 2 steken af en brei de nld. uit. In de teruggaande nld. zet je boven de afgekante steken 2 nieuwe st. op(als een gedraaide lus). In de volgende nld. brei je de steken weer mee.

TIP 4: Nieuwe draad aanhechten van dezelfde kleur.

Wanneer je bol bijna op is, zorg dan dat je een nieuwe draad aanhecht aan het begin van een naald, dat is makkelijker met het afwerken.

TIP 5: Halsafwerking

Als je de steken, die je normaal gesproken in het midden afkant voor de hals, op een hulpnaald zet, krijg je een mooiere halslijn. Gaat als volgt: Volgens het patroon moet je op een bepaalde hoogte de middelste 20 steken afkanten. Zet deze op een hulpnaald of rijg er een draad door. Ga dan normaal verder met breien. Wanneer de panden af zijn en je begint met de halsboord, neem dan gewoon vanaf de schouder tot aan het midden de steken breiend op, dan ga je verder met de steken op de hulpnaald en dan weer de rest van de hals tot aan de schouder de steken breiend opnemen. Zorg wel dat je de draad goed aantrekt bij de middelste steken, anders krijg je een gat.

TIP 6: Hoe voorkom je het omkrullen van zijkanten. (Tip van Alie)

Aan de goede kant alle steken gewoon breien, aan de verkeerde kant (averecht) de eerste en de laatste steek afhalen, dus niet breien.

TIP 7: Hoe weet je hoe breed een trui moet worden als er geen maten in het patroon worden aangegeven?

Om te weten hoe breed een trui moet worden doe je het volgende:
Wat is de stekenverhouding?
- Bijvoorbeeld: 22 st. en 30 nld. = 10 x 10 cm
Hoeveel steken moet je opzetten?
- Bijvoorbeeld: 80 steken
Hoe breed wordt dan het pand?
- 80 : 2,2 = 36,3 cm

TIP 8: Breien met een rondbreinaald.

Rondbreien met 4 naalden is niet bepaald gemakkelijk, veel handiger is het om een rondbreinaald te gebruiken. Ben je een beetje huiverig? Kijk op deze pagina: Breitips van Nafra. Hier wordt op een leuke manier uitgelegd hoe het werkt.

Terug naar de hoofdpagina